![]() |
| Verslag (90) 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 137 138 139 140 141 142 143 144 145 146 147 148 149 150 151 152 153 154 155 156 Alfabetische index |
|
De eerste berg Het was in 1999 toen wij een huisje huurden in Malaucène met uitzicht op de Mont Ventoux. Het ligt natuurlijk voor de hand dat je daar dan bovenop gaat kijken. Zoon Joost (toen 2 1/2 jaar) wilde de grote "bal" boven op de top ook wel eens van dichtbij zien. Met de auto gingen we naar boven en onderweg veel fietsers passerende had ik het gevoel midden in de Tour de France te zijn beland. Het was mooi weer maar ook harde wind. Toen al zei ik tegen mijn partner Annette dat het me geweldig leek die berg ook eens per fiets te bedwingen. Maar ja, verder geen enkele fietservaring in de bergen en ook niet eens een fiets die er geschikt voor was. Het zal er wel nooit van komen. Het is juli 2002 en de plannen voor onze vakantie zijn gemaakt. We gaan naar een camping op een uur rijden van Malaucène. Natuurlijk gaan we ook weer op de Mont Ventoux kijken hadden we bedacht. Ik weet niet meer precies op welk moment maar opeens besloot ik die berg te gaan fietsen. Toen ik mijn plan wereldkundig maakte was er bijna niemand die dacht dat dat zou gaan lukken en hier en daar werd ik voor gek verklaard. Niet eens zo vreemd natuurlijk want geen kilometer klimervaring en een fiets waarvan ik niet zeker was of die nou wel zo geschikt was (Trackingbike, Sparta Ixion met 27 versnellingen, dat wel). Een fietsbroek gekocht want je kunt natuurlijk niet in een gewone korte broek dacht ik en een helm voor de afdaling geleend van een collega (dank je Roelfina). Inmiddels is het maandag 12 augustus 2002 als we aankomen in Frankrijk. Ik had al besloten dat donderdag "DE DAG" moest zijn. De dagen daarvoor ben ik volgens Annette knap nerveus en niet altijd even gezellig geweest, vroeg naar bed en geen wijntjes. Een goede voorbereiding is immers belangrijk toch? Het is
zover, om 08.00 uur vertrekken we met mooi weer en weinig wind naar
Malaucène. In de auto prop ik mij inmiddels vol met alles
wat maar eetbaar is en om 09.30 uur rijd ik een kwartiertje rond om de
spieren wat op te warmen. Annette en Joost komen mij al met de auto voorbij om me ergens verderop te kunnen aanmoedigen en eventueel te voorzien van eten en drinken. De eerste kilometer ging nog wel maar na kilometer 3 al begon ik in te zien dat dit onbegonnen werk was. Annette zal zo wel langs de kant staan en dan ben ik gewoon verstandig en stop er mee. Zowaar passeerde ik een andere fietser, een na later bleek, Engelsman van in de vijftig. Hem zou ik nog vaker zien vandaag. Gelukkig daar zie ik onze auto al staan, nog even en ik kan afstappen. Eenmaal daar staan Annette en Joost mij luidruchtig aan te moedigen, ik steek de duim omhoog en fiets zonder iets te zeggen verder. Ik ga door tot aan kilometer 10 en heb het echt heel zwaar. Annette en Joost staan me weer op te wachten. Nu moet ik echt even afstappen, ben duizelig en mijn kont doet erg veel pijn. Even zitten en wat drinken. De Engelsman stopt een minuut later op dezelfde plek. Ik verklaar onszelf voor gek en ga tegen het advies van mijn "begeleiders" weer op de fiets. Mijn benen willen wel weer maar oh die zadelpijn, nog nooit last van gehad. Kan bijna niet in het zadel blijven zitten. Even later vergt de klim weer zoveel inspanning dat ik het snel vergeet. Het stijgingspercentage is hier 12 %. Langzaam kruip ik verder en op een gegeven moment raak ik van de weg. Moet afstappen en kom de fiets niet meer op. Even 10 meter lopen en het lukt weer. In de verte zie ik de hulptroepen alweer staan, ze beseffen dat ze nu in de buurt moeten blijven. Weer even pauzeren en dan toch maar weer verder. Het stijgings percentage is nu 1 kilometer slechts 3.5 % en het voelt of ik aan het afdalen ben, heerlijk. En net als
ik redelijk hersteld lijk schiet de weg weer als een raket naar boven.
Genadeloos slaat de stijging mij in de benen en ik weet niet hoeveel
korte breaks later doemt opeens de beroemde top op en ik schrik van de
hoogte die ik nog te gaan heb. Dit gaat echt niet meer lukken. Het is
nu nog maar 3 kilometer maar ik weet het zeker, ik stop. Annette en
Joost staan me weer op te wachten en net als ik wil meedelen dat het
echt niet meer gaat zegt ze doodleuk, nog maar De Engelsman passeer ik 1 kilometer onder de top, kennelijk is hij mij ergens voorbij gegaan. We zeggen beide niets, alle krachten hebben we hard nodig. Nog één lang stuk weg en de laatste bocht is daar. Zie dat het erg druk is boven en ik krijg vleugels. De laatste 100 meter gaan soepeler dan al die meters ervoor en ik geniet volop. Ik werk me door de menigte en jawel, gelukt ben boven. Kijk om me heen om bewonderende blikken op te vangen, applaus wellicht, of alleen maar een "goed gedaan jochie", maar niets van dit alles. Niemand gunt mij zelfs een blik waardig. Alle gezichten staan op "vandaag was je fietser nummer 1268 die de top bereikte, dus denk maar niet dat je iets bijzonders hebt gepresteerd hoor". Ook Annette en Joost zijn nergens te bekennen, door de drukte konden ze de top per auto niet bereiken. De Engelsman komt boven, hij fietst direct naar mij toe, we geven elkaar een hand, congratulations! Erwin Bouwmeester, Vaassen
|