Ik (Remi,11 jaar) stond met mijn ouders en mijn broer
(Gino, 14 jaar) op een camping in Entrechaux (vlak bij Vaison la
Romaine). Na een week in de Alpen te hebben gefietst heb ik een hele
goede conditie en dus ga ik proberen om de Mont Ventoux te beklimmen.
Mijn broer en mijn vader (Guido, 48 jaar) hebben al
vaker de Mont Ventoux beklommen, maar voor mij is het de eerste keer.
We hebben de wekker gezet op 6 uur, want anders zou het volgens mijn
vader te warm worden.
Als ik wakker word is
het nog niet licht en dus moet ik in het donker douchen. Na wat
toastjes met jam vertrekken we om half 7. Het begint al te schemeren en
je ziet een rode Mont Ventoux. Ik heb een pakje druivensuiker
meegenomen en één bidon met water (ik heb maar
één bidonhouder). We fietsen naar
Malaucène. Daar aangekomen halen we nog een croissantje bij
de baker die net is opengegaan (om 7 uur), en dan de berg op. We
spreken af na vijf kilometer op elkaar te wachten, zodat we niet te ver
uit elkaar raken, want stel dat ik het niet zou halen, dan zoau ik met
mijn vader terug gaan. Na twee keer stoppen van ongeveer twee minuten
(om naar het uitzicht te kijken en wat te drinken) ben ik bij het
5-km-paaltje aangekomen. Mijn broer en mijn vader wachten daar al op
mij. Ik ga niet snel, ongeveer rond de 6/7 km/u. We spreken weer af, nu
bij het 12-kilometerpaaltje. Ik kan goed rond komen met mijn trappers,
maar ik heb wel het allerkleinste verzet genomen, met mijn 21
versnellingen. Ergens in het midden van de klim heb je even een beetje
vlak stukje. Daar gaat het beter, ongeveer 14/15 km/u. Maar dat houdt
al snel weer op dus wordt het weer rond de 7 km/u rijden. Na drie keer
stoppen ben ik eindelijk bij het 12-kilometerpaaltje.
Het wordt nu wel zwaar, maar
voorbijkomende renners roepen "bravo! bravo!" en dat geeft me weer een
beetje kracht. Na een paar keer stoppen kom ik bij een rotonde en rijd
ik daar een paar rondjes om mijn spieren een tijdje wat minder te
belasten. Nadat ik weer wat ben doorgereden kom ik bij een
slagboom en wordt de weg smaller en slechter. Vanaf daar vond ik de
klim het zwaarst. Na een tijdje komt de Observatietoren in zicht. Dat
geeft mij hoop om door te gaan, want hij lijkt zo dichtbij. Ik heb maar
één bidon en die is al voor ¾ leeg dus
moet ik maar even zuinig drinken. Mijn vader en mijn broer wachten bij
het einde van het bos, daar vul ik ook nog mijn bidon met het water van
mijn vader.
De laatste kilometers… ik ben
helemaal kapot en met nu echt een traag gangetje van ongeveer 6 km/u is
het heel zwaar. Maar veel mensen die mij passeren vinden het heel knap
en moedigen mij aan voor de laatste twee kilometers. Ze roepen van
alles maar ik versts er niks van, alleen "bravo!" snap ik.
Als ik de laatste
bocht in ga, staan mijn broer en mijn vader op me te wachten. Ik fiets
nog even door, en ja! IK HEB HET GEHAALD!!! Ik heb niet op de tijd
gelet, want ik wilde alleen maar bovenkomen, meer niet. Ik heb er
uiteindelijk met stops ongeveer 2 uur en 45 minuten over gedaan. Ik was
trots op mijzelf, ook omdat ik als jongste van de familie de Mont
Ventoux had beklommen (mijn broer had het op zijn 12de
gehaald). Na een half uur van het mooie uitzicht genoten te hebben (het
was heel helder) en wat drinken op het terrasje, gingen we naar
beneden. Even mijn petje afdoen en gaan (anders waait mijn petje van
m'n hoofd). Ik heb mijn snelheids-record gehaald op de Mont Ventoux, ik
reed 64 km/u (voor mij ging dat best hard). Ik mocht niet harden van
mijn vader omdat ik geen helm op had.
Ik fiets al vanaf mijn 6de in de
bergen van midden/zuid Frankrijk; meestal trekken we mét
bagage. Ik had dan niet zo veel bagage maar toch was het zwaar voor
mij. We gaan elk jaar naar het gebied van de Mont Ventoux, altijd naar
dezelfde camping in Entrechaux. Ik ga dit jaar (2002) ook naar de Mont
Ventoux om hem weer te beklimmen, maar nu ga ik vanaf Bedoin, met mijn
broer en mijn vader. Om een goede tijd neer te zetten. We gaan ook naar
de Tour de France kijken, daarvoor gaan we hem nog eens beklimmen en
gaan we boven kijken.
Remi
van der Zijde