Verslag (109)  1  2  3  4  5  6  7  8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  20  21  22  23  24  25  26  27  28  29  30  31  32  33  34  35  36  37  38  39  40  41  42  43  44  45  46  47  48  49  50  51  52  53  54  55  56  57  58  59  60  61  62  63  64  65  66  67  68  69  70  71  72  73  74  75  76  77  78  79  80  81  82  83  84  85  86  87  88  89  90  91  92  93  94  95  96  97  98  99  100  101  102  103  104  105  106  107  108  109  110  111  112  113  114  115  116  117  118  119  120  121  122  123  124  125  126  127  128  129  130  131  132  133  134  135  136  137  138  139  140  141  142  143  144  145  146  147  148  149  150  151  152  153  154  155  Alfabetische index


 7 augustus 2003

Grimpée du Ventoux

Vandaag de laatste dag van onze fietsvakantie in de Provence. Het is een zware week geweest. Afgelopen maandag al erin geslaagd om Galérien te worden en gisteren nog deelgenomen aan de cyclosportieve “La Ventoux – Beaumes de Venise”. Vandaag op de laatste dag zal ik nog deelnemen aan de Grimpée du Ventoux. Deze klimtijdrit wordt evenals de cyclosportieve georganiseerd door Sportcommunication en de start is in Bedoin.

Met nog flinke zware benen van de 170 km van gisteren sta ik aan de start bij de rotonde in Bedoin. Mijn doel is om de tijd van de beklimming van gisteren (1uur en 41 min.) te verbeteren. Het startsein wordt gegeven en het uit ruim honderd man bestaande peloton sprint weg. Alhoewel ik geen enkele kans maak om voorin te eindigen sta ik toch op de vierde startrij en kan meteen vooraan in het peloton meerijden. Het gaat meteen snoeihard, de teller staat boven de 30 km/uur. Ik neem me voor om een viertal kilometers mee te rijden en de laatste 2 km voor de bocht van Estève rustiger aan te doen om even te herstellen voor het echt begint. Voor in het peloton wordt hevig gedemarreerd en ikzelf zak langzaam naar de staart van het peloton. Op vier kilometer schakel ik naar het binnenblad en moet de groep laten lopen samen met een viertal andere gelosten. Het tweede peloton ligt al op een behoorlijke afstand.

Tijdens de eerste kilometer na De Bocht voel ik al meteen de pijn in mijn benen van gisteren, maar ik probeer er doorheen te trappen. Mijn doel is om een tijd van +/- 1uur35 neer te zetten, dus nog één keer doorbijten deze vakantie.

Met het groepje van 5 rijden we de eerste kilometers na De Bocht samen omhoog. Af en toe moet ik even laten lopen, maar op de iets minder steile stukken kom ik dan weer bij. Halverwege de klim komen ook de beste klimmers van het tweede peloton ons voorbij. Die hebben in de eerste 5 relatief vlakke kilometers dan toch veel verloren, want ze komen in een behoorlijk snel tempo voorbij.

Ongeveer 2 kilometer voor Chalet Reynard waar het wat minder steil wordt, spring ik weg uit het groepje en kan een mooi tempo houden. Bij Chalet Reynard staat heel wat publiek, waaronder mijn vriendin. Ik heb nu ongeveer 1 uur en 5 min. gefietst, dus ik heb nog een half uur. De eerste 2 kilometers na Chalet Reynard kan ik het tempo van 13 km/uur aanhouden. Maar daarna zakt het toch wat terug. Bij Simpson krijg ik weer wat extra kracht en zet nog eens goed aan voor de laatste kilometer. Het is echt door de pijn trappen, want die tocht van gisteren krijg ik er maar niet uitgetrapt.

De laatste 50 meter omhoog sprinten lukt niet meer, maar wat maakt het nog uit? Na 1u36.55 passer ik de streep. Eindelijk; de fietsvakantie zit erop voor dit jaar! De winnaar van vandaag heeft er 1uur en 9minuten over gedaan. Van de 117 deelnemers eindig ik als 62e.

 

Met deze beklimming heb ik mijn 10e beklimming van de Mont Ventoux voltooid. Volgend jaar de 20e? We zullen zien, eerst lekker afdalen en genieten van een heerlijke douche.


Erwin Deckers, Margraten

Tijd: 1 uur 36 minuten 56 seconden - zie Klassement MV

Alle uitslagen La Ventoux Beaumes de Venise 2003: Grimpee du Ventoux, Master 170 km, Senior 102 km 


 7 augustus 2003

Slaaf van de Ventoux

Wat doet een mens zoal tijdens een vakantie in de Provence? De een geniet van het mooie weer aan het zwembad, de ander bezoekt de vele prachtige dorpen onder een warme zomerzon. Er zijn er ook die de hele dag met een temperatuur van een graad of 30 de Mont Ventoux te lijf gaan per stalen ros, niet 1, niet 2, ook niet 3, maar 4 maal op één dag. Dit zijn de Slaven van de Ventoux, De Galériens. Hieronder het verhaal van een Galérien in wording op maandag 2 juni 2003.


07.00 Het VertrekErwin Deckers

Stipt 07.00 sta ik klaar in het centrum van Bedoin om de Reus van de Provence voor de eerste maal op deze dag  te beklimmen. Ik begin zoals de meeste Galériens en Cinglés met de traditionele klim van 22 km (tevens ook de zwaarste geasfalteerde weg). Mijn doel op deze eerste beklimming: rustig tempo naar boven peddelen en de hartslag beneden de 160 slagen per minuut houden. Na een warming-up van een kilometer of 5 begint de klim bij de bocht van St. Estève eigenlijk pas echt. Onmiddellijk schakel ik  terug naar 39x28 en fiets in een rustig tempo naar boven. Het is nog lekker stil op dit uur van de dag en ook de temperatuur is nog aangenaam, alhoewel ik al kan merken dat het een erg hete dag wordt vandaag.


Na 1 uur en 15 minuten passeer ik Chalet Reynard en weldra passeer ik ook de eerste Cinglés/Galériens van vandaag. In de laatste kilometer zit ik voor het eerst dicht tegen een hartslag van 160 en dus hou ik het laatste stuk nog even in. De tijd is vandaag niet belangrijk, het doel ligt vandaag verder. Na 1 uur 48 minuten sta ik voor het eerst op de top. Mijn vriendin staat me al op te wachten bij de auto en zowaar geniet ik van een verlaat pasta-ontbijtje. Niet veel later komen de 2 fietsers die ik gepasseerd heb ook boven. Ze komen uit België en weten nog niet of ze voor de Cinglé of Galérien gaan, ze zullen beslissen na de derde beklimming. Die luxe heb ik niet, omdat ik de gevreesde Route Forestière als derde beklimming zal nemen.


Ik neem mijn helm, windjack en 2 nieuwe bidons en daal af richting Malaucène. Mijn vriendin zal me tijdens de tweede beklimming niet kunnen ondersteunen, omdat de weg voor een deel is afgesloten wegens werkzaamheden. De laatste kilometers onder de top zijn bedekt met een flinke laag grind en hier gaat het afdalen stapvoets. Na een kilometer of 3 kom ik weer op het asfalt en weldra bereik ik snelheden tot 90 km/uur. Om 09.30 arriveer ik in malaucène.


Malaucène

Vooraan in het dorp bemachtig ik mijn volgende stempel bij de bakker en binnen 2 minuten zit ik weer op de fiets richting top voor mijn 2e beklimming. Er is inmiddels al heel wat (fiets)volk op de weg waarvan het merendeel gaat voor één Erwin Deckers beklimming; ze moesten eens weten!! De beklimming loopt zeer voorspoedig in een mooi tempo nog steeds genietend van de prachtige omgeving. Na 1uur en 23 minuten ben ik bij Mont-Serein, hier is het vrij vlak en kun je even herstellen voor de laatste 5 km naar de top.  Door werkzaamheden is het asfalt vanaf 3 km onder de top verdwenen en moet ik door een dikke laag grind fietsen. Vlak onder de top zijn ze net vandaag bezig met de nieuwe laag asfalt aan te brengen en hier moet dan even van de fiets.


Na iets minder dan 2 uur fietsen bereik ik dan toch voor de tweede maal de top. Het is nu bijna half twaalf en boven is het al behoorlijk druk, waaronder twee grote bussen vol met mensen die de excursie “Mont Ventoux” hebben geboekt. Sommige kijken me bewonderend aan met een blik van: “Wat een prestatie, hij heeft het gehaald!” Inderdaad, na 2 beklimmingen moet ik toch al ietwat vermoeid beginnen te kijken, maar belangrijker: de benen zijn nog goed. Het souvenirwinkeltje op de top is nu geopend en hier bemachtig ik de 3e stempel van de dag. Meteen daarna daal ik af richting Bedoin, want het is de hoogste tijd voor een welverdiende lunch.


Route Forrestière

Na de lunch is het tijd voor de gevreesde Route Forestère. Deze beklimming onderscheidt de Cinglés van de Galériens, de Malloten van de Slaven. Dit is de enige beklimming waar ik tegenop zie. De eerste kilometers zijn hetzelfde als de reguliere beklimming vanuit Bedoin.

Een paar kilometers na de bocht van St. Estève volgt de splitsing. Mijn vriendin wacht me hier op voor een laatste bevoorrading en filmshot. De komende 11 km leg ik mijn lot in handen van Continental, eens kijken hoe de Grand Prix 3000 bandjes het hier zullen doen. Voor de zekerheid steek ik toch nog even een reserve buitenbandje bij me. Ik spreek af dat ik ongeveer om 16.00 weer op de top moet zijn. “Ben ik er om 17.00 nog niet, sla dan maar alarm”. Op deze weg hoef ik geen hulp van passanten te verwachten, die zullen er namelijk niet zijn. De eerste kilometers vallen reuze mee, ik hoef enkele maar hier en daar een diepe kuil te ontwijken. Naarmate de weg vordert, worden deze kuilen talrijker en weldra balanceer ik over smalle stroken asfalt. Al fietsend een slok uit de bidon nemen gaat niet meer. Relatief vlakke stukken worden afgewisseld door steile stukken van 10 à 11%. Steeds vaker is het zoeken naar stukken asfalt, maar halverwege de weg geef ik dit op want er is simpelweg geen asfalt meer. Het begint nu ook behoorlijk warm te worden.


Dit jaar wordt het 100-jarig bestaan van de Tour de France gevierd en voor even waan ik me 100 jaar terug in de tijd. Wat moeten die mannen toch hebben afgezien, toen dit soort wegen op cols nog gewoon waren. Mijn dagdromen wordt verstoord door 3 everzwijnen die de weg oversteken en me bijna omver lopen. Toch niet alleen op de Route Forestière.

De laatste kilometers van de bosweg zijn niet meer zo steil en zowaar komt de weg vanuit Malaucène weer in zicht en rij ik weer op het asfalt, heerlijk!! Dit genot duurt niet lang, want de laatste kilometers gaan weer door het grind. Om 15.45 ben ik weer op de top, ik heb er 2 1/2 uur over gedaan.


De laatste keer (vandaag)

Om 16.45 sta ik voor het VVV in Sault. Nog één keer omhoog en dan zit het erop. De zogenaamde “mietjeskant”, toch ben ik blij dat ik deze als laatste gekozen heb, want toen ik die 100m omhoog moest fietsen om in Sault te komen, voelde ik het al. Voor het VVV staan nog twee fietsers, duidelijk herkenbaar als Cinglé/Galérien aan hun stempelkaart. Het blijken nog Nederlanders te zijn ook. We maken een praatje en kom erachter dat ze de Cinglé doen vandaag. Later zou ik er via het forum van de Kale Berg achter komen dat één van de twee Willem Janssen Steenberg was, één van de twee schrijvers van het boek “De Kale Berg”.


Om 16.50 vertrek ik voor de laatste beklimming. Ik heb mijn vriendin gevraagd wat vaker te stoppen onderweg, omdat ik deze beklimming een beetje saai vind. Het stuk tot Chalet Reynard is niet zo steil en daarbij kom je op deze weg vrij weinig fietsers tegen. De laatste 3 kilometers schakel ik nog even naar het buitenblad en met hoge snelheid kom ik om 18.03 bij Chalet Reynard. Nu begint de laatste beklimming eigenlijk!

Galérien!

…Ik had het goed gedacht, want meteen in de eerste kilometer lopen mijn benen helemaal vol, ongelofelijk ik kom bijna niet meer vooruit. In een langzaam tempo duwen bij iedere omwenteling. Een groep Belgische jongeren komen me luid aanmoedigend per auto voorbij; Ik heb niet eens meer de energie om dit te waarderen en denk alleen maar: “Hou je rustig en rij door!!” Ze zouden me nog twee keer aanmoedigen, één keer bij Simpson en een keer op de top. De laatste kilometers zijn echt een lijdensweg: “Dadelijk krijg ik nog een bekeuring voor fout parkeren!” .


Om 18.45 kom ik boven; eindelijk, Nederland heeft er een nieuwe Galérien bij! Over de laatste 6 km maar liefst 42 minuten gefietst, wat was dit afzien. Op de top is het weer helemaal rustig, de mensen zijn weg en het winkeltje is weer gesloten, heerlijk die rust. In één teug drink ik mijn bidon hersteldrank leeg. De klus is geklaard en nu weer voorbereiden op de cyclosportieve La Ventoux over 5 dagen. We maken snel nog een paar foto's en maak me dan op voor de laatste afdaling richting Sault , waar de laatste 100m naar het dorp weer omhoog gaan (erg pijnlijk nog). Om 19.50 stap ik van de fiets. Over de hele onderneming inclusief de pauzes heb ik 12uur en 50 minuten gedaan, zo krijg je je dag wel om. Op de vraag van mijn vriendin of ik nog even naar het huisje wil fietsen (3km buiten Sault boven op een klim van ruim 1 km) antwoord ik resoluut: “NEE!” Dit kan ik niet meer opbrengen, het is wel mooi zo.

In het huisje staat me een heerlijk bord pasta te wachten; Dat smaakt!!

 

Erwin Deckers, Margraten      

Galérien nr. 82

 



   5 maart 2003

Mijn eerste ontmoeting met de legendarische Mont Ventoux
op 27 juli 2000

09.30
Eindelijk is het zover! Ik rij me lekker warm even buiten het plaatsje Bedoin. De eerste tegenslag had ik al gehad. Mijn twee bidons met energiedrank en dorstlesser staan nog fijn in de koelkast van ons vakantiehuisje in Isle-sur-la-Sorgue. Dat kan ik dus al vergeten. De oplossing: bij de plaatselijke supermarkt maar een fles water gekocht die precies in mijn bidonhouder past. Dat is toch maar beter dan een half uur heen rijden en een half uur terug. Ik heb eerst nog gezworen dat me dit niet meer zou gebeuren (ruim een maand later gebeurde me hetzelfde toen ik op weg was naar de Vélomediane Criquielion, gelukkig hadden mijn medefietsers toen nog extra bidons meegenomen). Maar zelfs vergeten bidons kunnen me niet tegenhouden om deze Reus van de Provence te bedwingen. Het is een van die dingen die je als wielrenner gedaan moet hebben en ik kijk er al een hele tijd naar uit. Enkele weken geleden op 1 juli had ik al La Marmotte voltooid, dus met de vorm en conditie zit het wel goed.

10.00
Vol goede moet rij ik Bedoin uit richting de top van de Mont Ventoux. De eerste 3 à 4 kilometers gaan lekker. Het stijgingspercentage is hier maar zo'n 4 tot 5%. Hierdoor krijg je nog meer goede moet. Toch fiets ik dit stuk maar op een rustig tempo, wetende wat ik nog voor de boeg heb. Even later een haarspeldbocht en…. een muur voor me. Het gaat nu echt beginnen. Meteen schakel ik maar terug naar 25 en zo'n 200 meter verder naar tandje 28. Hier moet ik het mee doen. Na zo'n zes kilometers klimmen zie ik de eerste fietsers al te voet. Ja, als je niet genoeg getraind hebt, kom je meteen op de koffie.
Het eerste stuk gaat door een bosrijke omgeving en van de zon heb ik ook nog geen last. Tussen de echt steile stukken kan ik toch nog een beetje genieten van de omgeving. Maar op een gegeven moment zijn die minder steile stukken zeer schaars. Deze klim heeft geen relatief vlakke haarspeldbocht als Alpe d'Huez, maar in de bochten is het gewoon doortrappen. Mijn enige fan, mijn vriendin, rijdt met de auto mee omhoog en om de 3 à 4 kilometer stopt ze om me aan te moedigen en het geheel op de gevoelige plaat vast te leggen, een stukje bewijsmateriaal voor het thuisfront.

De begroeiïng wordt steeds kaler en de top van de Reus komt al in zicht. Het is nog een flink stuk constateer ik. Tijdens het klimmen lees ik alle teksten en namen op de weg. De Tour is hier pas nog gepasseerd en Pantani kwam hier samen met Armstrong als eerste boven. Overal lees ik Boogerd, Dekker en Pantani. Ook ik put kracht uit de aanmoedigingen, ook al zijn ze niet bestemd voor mij. Het is lekker om een flink aantal fietsers in te halen en te constateren dat ze ‘geparkeerd' staan en dat mijn molentje nog 'lekker' draait.
Ongeveer 1 km voor Chalet Reynard wordt het even minder steil. Dit is even lekker om me te sparen voor de laatste zes kilometers na Chalet Reynard. Vele klimmers nemen bij Chalet Reynard een pauze om wat te drinken. Daar doe ik niet aan mee en fiets lekker door nadat ik mijn ‘bidon' weer heb bijgevuld. Intussen komen de eerste fietsers alweer met volle vaart naar beneden en de eerste Nederlanders rijden me met de auto voorbij naar boven.

De eerste vier km na Chalet Reynard gaan erg lekker en ik kan flink doorfietsen. Net voor het monument van Simpson krijg ik het even moeilijk. Dat wordt nog eens versterkt door het moeten ontwijken van mensen die met de auto omhoog rijden en even willen kijken bij het monument. Er wordt de weg overgestoken zonder uit te kijken naar stijgende fietsers, maar nog erger naar dalende fietsers! Zo'n 500m voor de top ben ik mijn inzinking te boven en kan ik mijn eindsprint beginnen.

11.44
De laatste bocht doet nog even pijn met zo'n 12%. Maar even verder ligt de verlossende streep. Missie voltooid.

Ik heb de beklimming binnen 1u45m voltooid, een gemiddelde van ruim 12 km/u. Ik ben tevreden en heb ontzettend genoten van deze beklimming en het is zeker voor herhaling vatbaar.


28 juli 2000

Een dag later heb ik samen met mijn vriendin de beklimming gedaan vanuit Sault. Zeker het eerste stuk tot Chalet Reynard is puur genieten met zeer vriendelijke stijgingspercentages.

Het bedwingen van de Mont Ventoux begint nu een verslaving voor mij te worden. Alhoewel ik ook reeds enkele Alpencols bedwongen heb, is er voor mij geen enkele die kan tippen aan de schoonheid en de magie van de 'Reus van de Provence'.

Erwin Deckers



omhoog© www.dekaleberg.nl