Waanzin op de Kale Berg
Dagblad De Limburger, zaterdag 15 januari 2005

Klauteren langs de afgrond van de dood, naar een steenwoestijn met angstaanjagende winden. De Mont Ventoux betovert en behekst wielerfanaten uit alle windstreken. Tussen de zotten en avonturiers die de Kale Berg overspoelen, jagen twee Belgen op een bizar wereldrecord: wie klimt binnen 24 uur het vaakst naar de top? Fietsen naar een delirium. 'Je begint tegen salamanders te praten.'
Door Roel Wiche

Hij is toch een verstandige vent. Nuchter, geen poespas. Geen man die spoken ziet. Maar op die verzengende, eindeloos lijkende zomerdag in 2003 danst Dominic Rosé (39) de waanzin tegemoet. De fietsenhandelaar uit het Belgische Zonhoven, onder de rook van Hasselt, is bezig aan zijn zevende opeenvolgende beklimming van de Mont Ventoux. De berg die, als geen andere berg, heerst over leven en dood. De berg van dromers en duivels, eeuwig verheven boven de zwoele Provence. Dominic Rosé kent de genadeloze wetten van de Kale Berg . Hier, op dit macabere maanlandschap, werd Tourheld Tommy Simpson in 1967 geveld. En hier, in deze woestenij van steen, legt iedere week een overmoedige wielertoerist het loodje. Nu is hij zelf, na bijna 24 uur non-stop klimmen, een delirium nabij. 'Ik voelde me van God en iedereen verlaten. Begon tegen salamanders te praten. Tegen gemzen. Zomaar, alsof ik gek werd.'

Anderhalf jaar later kan hij erom lachen. De taaie Belg is weer opgeknapt en fietst regelmatig in Limburg naar een podiumplek in de Akkermans Cup, een circuit voor mountainbikers en veldrijders. Maar het had niet veel gescheeld of-ie was rijp geweest voor het verpleeghuis. Na zijn zevenklapper op de Mont Ventoux lag Rosé wekenlang met een gekraakte rug in bed, volledig uitgeput. Klein detail: hij fietste in dezelfde zomer óók drie en vijf keer binnen een etmaal tegen de Reus van de Provence op. Dat moest wel verkeerd aflopen. 'Ik heb een gigantische klap gekregen. Het was gekkenwerk, maar ik móést het doen. Wie eenmaal op de top van de Ventoux heeft gestaan, krijgt een onbeschrijflijke kick. Je staat op de maan, voelt de wind van alle kanten gieren en kijkt als een koning over de onmetelijke vlakte beneden. Het is pure mystiek.'

Dominic Rosé is één van de hoofrolspelers in een bizarre wedrace die op weg lijkt naar een even bizarre climax. Sinds 1988 bestaat er een geuzenklassement voor fietsers die meer dan één keer binnen 24 uur naar de kruin van de Ventoux klauteren. De koosnamen van de helden zijn veelzeggend. Iemand die drie keer haalt, mag zich Cinglé (Malloot) noemen. Vier keer staat voor een Galerièn (Galeislaaf), vijf keer voor een Diable (Duivel). Zes stuks: een Cannibale (Kannibaal). Rosé claimt dat hij met zeven beklimmingen de enige echte wereldrecordhouder is. En heeft zichzelf meteen maar tot legende gekroond: Diable d'Or (Gouden Duivel).
Wim Veris

Wim Veris - Foto: Marc Goyvaerts

Dominic Rosé

Geen enkele Ventoux-official durft echter zijn record te erkennen. Op de flanken zijn genoeg drama's-Simpson geweest en de naam Dodenberg is al te vaak in de kolommen opgedoken. Zelfs Rosé sprak van 'gekkenwerk' toen hij na 337 kilometer en 11.240 hoogtemeters - vergelijkbaar met twee loodzware bergetappes in de Tour - zijn helse tocht volbracht. Nu, anno 2005, is hij alle spoken echter vergeten. 'Risico? Ongezond? Echt niet. Je moet weten wat je lichaam aankan, dat is het belangrijkste. Met medische begeleiding hou ik me niet bezig. Ja, ik ga één keer per jaar naar de cardioloog. Dat is genoeg.'

De drang tot competitie heeft niet voor niets alle doktersliteratuur weggevaagd. De Pantani van Zonhoven vecht al dik een jaar een zinderende prestigestrijd uit met een landgenoot die nog bezetener is van de Ventoux. Wim Veris, een 49-jarige magazijnhouder uit Herentals, presteert in juni 2004 iets wat niet voor mogelijk werd gehouden. De recreant van de Herentalse Motters worstelt, kreunt, vloekt en stampt liefst negen keer naar de top, die 1912 meter boven het voetvolk torent. Veris heeft wél een arts in de buurt. En wat voor één! Chirurg Toon Claeys fietst alle moordende kilometers mee, moet ergens in de aardedonkere cederbossen lossen en komt twee uur later aan de finish. Historische conclusie: 'Toch niet voor herhaling vatbaar.'

Veris, die 22 uur voor zijn odyssee nodig heeft, wordt als een gladiator in Herentals ontvangen. Maar al snel laait de kritiek op. Aangevoerd door, hoe kan het anders, Dominic Rosé. De eigenaar van een fietsenzaak heeft knarsetandend toegekeken hoe z'n concurrent zijn record verpulvert en lanceert een tegenoffensief. Hij laat in het bonte circuit van Ventoux-clubs, -chatcafés en websites aan iedereen weten dat zíjn record het enige echte is. Rosé is namelijk niet alleen over de drie verschillende asfaltwegen naar de top gereden, maar ook over enkele diep verscholen, bijna onvindbare bospaden. 'Veris pronkt nu met die negen keer, met een hoop heisa. Maar aan mijn prestatie kan hij niet tippen. Hij rijdt alleen over de weg en dat is psychologisch veel makkelijker. Je hebt veel meer afleiding. In de bossen ben je geheel op jezelf aangewezen.'

De controverse is inmiddels breed uitgemeten in de Belgische pers, die likkebaardend elke scheet noteert. Wim Veris, de gedoodverfde opponent van Rosé, trekt zich niks aan van de kritiek. Sterker nog, hij heeft zijn privé-doktor opnieuw warm gemaakt en bereidt een recordpoging voor die het reusachtige Ventoux-peloton (zo'n 550.000 fietsers per jaar) in één klap moet wegvagen. Veris wil komende zomer liefst tien keer op en neer. Als entourage gaan honderden wielertoeristen mee én de gehandicapte Belgische triatleet Marc Herremans, die zijn rolstoel naar boven hoopt te duwen. Tv-camera's en goede doelen maken het spektakel compleet. En ook Veris, als amateur ooit winnaar van de Pijl van Zuid-Limburg, vreest niet als Tommy Simpson te bezwijken onder de vloek van de Kale Berg. 'Veel mensen denken dat het zottenwerk is. Maar ik ben ontzettend goed getraind. Bij de beklimmingen van de Ventoux raak ik in een roes. Vooral 's nachts. Je ziet beneden een zee van lichtjes, boven je hoofd vliegen uilen, naast je fiets lopen everzwijnen en voor de rest is het absolute stilte. Pure meditatie.'

Zenfietsen met een stijgingspercentage van 11,5. Maar het kan allemaal nóg gekker. Inmiddels hebben zich twee Franse kanonnen gemeld die beweren dat ze óók tien keer op de Ventoux hebben gebungeejumpt. Maar uiteraard wordt die prestatie in België weggewoven. Dominic Rosé: 'Ze zijn met de fiets naar boven gegaan en met de auto naar beneden. Ja, als we zo gaan beginnen...' De Zonhovenaar wacht liever op de ultieme slag om de Franse col, met Wim Veris als opgejaagd wild. Die laatste heeft zijn grote rivaal via de chatbox ('we hebben elkaar nog nooit gesproken') uitgedaagd om deze zomer mee te doen met zijn tien-keer-project. Veris: 'Dan kunnen we man tegen man rijden. Bewijzen wie écht de beste is.'

Rosé weigert de handschoen echter op te nemen. De man die in de Akkermans Cup tegen de molshoopjes van Brunssum en Panningen opvliegt, droomt van een ultieme, vernietigende mokerslag. In 2006 wil hij, jawel, elf keer de Kale Berg temmen. Hallicuneren tegen salamanders, langs de afgronden van de dood. Veris: 'Onmogelijk.'Rosé: 'Ik ga het onmogelijke doen.'

© Dagblad De Limburger

Zie ook:
pagina Verslag 125 - Belgische invasie op de Mont Ventoux, pagina Malloten / Cannibale Dominic Rosé, pagina Verslag 128 - Toon Claes en Wim Veris, pagina Malloten / Meervoudige beklimmingen, pagina Giganten.


omhoog © www.dekaleberg.nl