Winter in la Bérarde
maandag 24 augustus:  
le Bourg d'Oisans (719 m) - la Bérarde (1711 m) - le Bourg d'Oisans (62 km) 
Omdat we allebei dit jaar nog weinig hadden geklommen, kozen we voor een rustig ritje om wat te wennen aan de bergen. Daartoe leek het doodlopende dal naar la Bérarde heel geschikt, een bergdorpje dat een geliefd uitgangspunt is voor wandelaars en bergbeklimmers.  
Zodra je de drukke N91 na 5 kilometer verlaat en de D530 naar la Bérarde neemt, is de rust weldadig. Het begin is zeer bosrijk. Vlak voor Venosc, bij les Ougiers, passeer je een speciaal fietshotel, herkenbaar aan twee rood geschilderde fietsen bij de inrit. We hoorden later dat dit hotel helemaal op fietsers is ingesteld. Zo kun je er zelfs een bord pasta bij het ontbijt krijgen. Het heet 'Au Bon Accuueil' en wordt gerund door een jong, sportief en fietsbegrijpend team o.l.v. een Nederlands koppel en in samenwerking met Steven Rooks. Bij de kabelbaan van Venosc komen geregeld parasailers naar beneden. Het stuk vanaf Bourg d'Arud tot St.-Christophe-en-Oisans bevat twee knap gemene stukken met percentages tot 12 %. Met het eerste stuk hadden we al direct moeite. Door de onervarenheid lukte het niet om meteen het juiste ritme te vinden en het lastige was dat we hier totaal niet wisten waneer de steile stukken ophielden.Op weg naar la Berarde. Het was hier eigenlijk de enige keer van deze vakantie dat we beiden totaal buiten adem raakten. Het is hier zaak de afstand tot Le Plan du Lac op de kaart te schatten en goed op de kilometerteller te letten om de krachten goed te verdelen.  
Bij Le Plan du Lac is de weg eindelijk weer vlak, een goede plaats voor een rust. Dan volgen de steile, maar overzichtelijke haarspeldbochten naar St.-Christophe-en-Oisans. Vanaf dat dorp is het verder niet steil meer, maar het is ook geen gemakkelijke route: het wegdek is slecht en smal, er zijn nauwelijks vangrails en het is oppassen geblazen met tegenliggende auto's. Bovendien sloeg het weer om: een ijzige wind en een flinke bui gaf ons het gevoel dat de winter plotseling was begonnen, ook al omdat je hier al overal sneeuw op de omringende bergen van meer dan 3000 meter hoog ziet liggen. Die avond hoorden we dat er bergbeklimmers op de Mont Blanc waren omgekomen door de weersomslag.  
In la Bérarde kwamen we in een crêperie wat op verhaal, hoewel het daarbinnen ook weinig behaaglijk was. Echte fietsverslaafden zouden hun tocht vanuit dit dorp per ATB kunnen voortzetten in de bergen.  
De terugweg was heel gemakkelijk: we daalden bijna altijd en de zomer kwam ons weer tegemoet. 
In het gezellige le Bourg d'Oisans zijn er voldoende restaurants. We troffen er een goede pizzeria aan. Iets minder was een menu in Hotel des Alpes, waar we verschrikkelijk lang moesten wachten op de verschillende gangen. Verschil tussen voor- en hoofdgerecht was er nauwelijks: ze moesten blijkbaar van een enorme partij haricots-verts af. De frietjes waren zo bleek en slap dat het leek alsof ze vergeten waren de frituur aan te zetten en het onbestemde lapje vlees viel op door de voortreffelijke elastische eigenschappen. De toetjes werden lang na elkaar geserveerd: Alwin had zijn kaasplankje (plank met 1 stukje kaas) met brood al vrijwel weggewerkt, toen ik mijn crème de caramel kreeg: een puddinkje ter grootte van een flinke damschijf. Daar wist ik wel raad mee: in enkele bewegingen was het gevalletje naar binnen geschoven, zodat ik toch nog eerder dan Alwin aan de meet arriveerde. 
Lees verder 

omhoog

© AlexPages