Veris leta facies mundo propinatur, hiemalis acies victa iam fugatur. In vestitu vario Flora principatur, nemorum dulcisono, que cantu celebratur. Ah!
Flore fusus gremio Phebus novo more risum dat, hoc vario iam stipate flore. Zephyrus nectareo spirans in odore; certatim pro bravio curamus in amore. Ah!
Cytharizat cantico dulcis philomena, flore rident vario prata iam serena, salit cetus avium silve per amena, chorus promit virginum iam gaudia millena. Ah!
Het vrolijke gezicht van de lente keert zich naar de wereld, de strenge winter is reeds verdwenen, overwonnen. Getooid in diverse kleuren regeert Flora, met lieflijk klinkend gezang worden de bossen geprezen. Ah!
Gelegen in de schoot van Flora lacht Phebus opnieuw bedekt met veelkleurige bloemen Zephyr's adem geurt naar nectar; laten we ons haasten te strijden om de prijs van de liefde. Ah!
In harpklanken zingt de zoete nachtegaal, met bonte bloemen lachen reeds de vrolijke weiden, een zwerm vogels vliegt op door de lieflijke bossen, het koor der maagden belooft reeds duizend vreugdes. Ah!